Header image  
Zwangerschap: Prematuren
 
line decor
 

 
 
 


   

Prematuren

 

Premature baby’s zijn baby’s die nog niet volledig voldragen zijn. Men spreekt over prematuren wanneer de zwangerschap minder lang dan 37 weken duurt. De zwangerschap wordt als volledig afgerond beschouwd indien de kinderen tussen de 38 en 42 weken na de laatste menstruatie van de mama geboren worden.

Er zijn verschillende redenen van een premature geboorte. Soms wordt het veroorzaakt door de levensstijl van de mama tijdens de zwangerschap: Roken, drinken, drugsgebruik, slechte eetgewoontes, niet genoeg gewicht aankomen, fysieke stress, psychische stress,… .

Maar de eigenlijke oorzaak van de premature geboorte, daar heeft de moeder géén controle over. Ze kan bijvoorbeeld een hormonale imbalans hebben, afwijkingen aan de uterus, chronische ziekte, infecties, … , kortom een heel aantal zaken kunnen aanleiding geven tot de premature geboorte. Ook zwangerschapsvergiftiging kan aanleiding geven tot een premature geboorte. Daarnaast is de kans op een premature bevalling groter wanneer de vrouw boven de 35 of onder de 19 jaar is. Ook als er meerder foetussen worden gedragen is het risico hoger.

Premature baby’s hebben speciale verzorging nodig om te kunnen overleven. Ze worden dan ook onmiddellijk na geboorte ondergebracht in de neonatale afdeling, waar men zorgt voor een ideale omgeving voor de baby. Dit betekent dat de basisnoden van warmte, voeding en bescherming in deze afdeling worden overgenomen. Het kind wordt ondergebracht in een couveuse, die het vroegtijdig vertrek uit de baarmoeder moet opvangen.

Tegenwoordig overleeft ongeveer 80-90% van de premature baby’s indien het lichaamsgewicht 800 gram en meer bedraagt. De premature baby’s met een lichaamsgewicht van boven de 500 gram hebben een lager overlevingskans (40-50%) omdat er bij deze baby’s een verhoogd risico op complicaties bestaat.

 

Basisbehoeften van een premature baby:

*) Warmte

Premature baby’s hebben nog lichaamsvet om hun lichaamstemperatuur op peil te houden, zelfs indien ze bedekt worden onder een dekentje. Daarom moeten ze in de couveuse worden ondergebracht, waarin ze lekker warm gehouden worden en waarin het risico op infecties wordt beperkt. Ook vochtverlies door de baby wordt in de couveuse door diens ideale atmosfeer beperkt.

*) Voeding en groei:

De noden van deze baby’s zijn zeer specifiek omdat ze in verhouding met een voldragen baby veel sneller groeien, maar dat daarnaast ook hun spijsverteringsstelsel niet volgroeid is. Wat wordt deze baby’s dan gevoed? Borstvoeding is een uitstekende voedingsbron, maar de baby’s kunnen nog niet via de borst of fles gevoed worden vooraleer ze tussen de 32 tot 34 weken oud zijn. De baby’s moeten ook zeer langzaam gevoed worden omdat ze een verhoogd risico hebben op darmcomplicaties. Ze kunnen bijvoorbeeld een zeer specifieke darminfectie oplopen, met het afsterven van de darm tot gevolg. Borstvoeding kan door de moeder afgekolfd worden en via een buisje, dat door de neus of mond rechtstreeks in de maag zit, gevoed worden.

Borstvoeding heeft het voordeel ten opzichte van flesvoeding omdat er proteïnes inzitten die infecties bestrijden en de groei bevorderen. Bepaalde additieven kunnen toegevoegd worden aan borstvoeding of flesvoeding omdat prematuren een verhoogde nood hebben aan vitamines en mineralen. Bijna alle prematuren krijgen dan ook extra calcium en fosfor toegediend via de voeding. Op de neonatale afdeling gaat men regelmatige bloed bij de baby afnemen en diens bloedsamenstelling monitoren. Onder andere glucose, zout, potassium, calcium, fosfor en magnesium worden regelmatig bekeken. Het dieet van de baby wordt op basis van deze resultaten aangepast om deze stoffen in het bloed op het ideale niveau te houden.

Vaak voorkomende gezondheidsproblemen bij premature baby’s.

Prematuren zijn zeer gevoelig voor bepaalde ziektes of aandoeningen, doordat hun orgaantjes nog niet volledig klaar zijn om volledig zelfstandig te functioneren. Het is dan ook zo dat hoe eerder een baby geboren wordt, hoe hoger het risico op complicaties is. We gaan in het kort een aantal vaak voorkomende aandoeningen doorlichten, zonder evenwel volledig te zijn in de lijst en de beschrijving. Bij eventuele vragen betreffende uw kind moet u zich dan ook altijd wenden tot de behandelende kinderarts.

Verhoogde bilirubine in het bloed / gele verkleuring van de huid

Een zeer vaak voorkomende ‘ziekte’ bij prematuren is een verhoogd gehalte aan bilirubine in het bloed. Deze stof is het gevolg van de natuurlijk afbraak van het bloed, met name de afbraak van rode bloedcellen. Een gevolg van dit verhoogd gehalte is dat men een geelachtige verkleuring krijgt van de huid en het oogwit. Alhoewel deze ‘aandoening’ ook bij voldragen baby’s voorkomt, gaat ze bij  premature baby’s vaker voorkomen. Extreem hoge waardes van bilirubine in het bloed, kan aanleiding geven tot hersenbeschadiging. De baby’s worden dan ook zeer nauwgezet gevolgd en snel behandeld alvorens er extreem hoge gehaltes in het bloed kunnen ontstaan. De baby’s worden onder een speciale lamp gelegd, waardoor het lichaam op een natuurlijke wijze ondersteund wordt om deze stof af te breken. In zeldzame gevallen gaat men over tot een bloedtransfusie om het probleem te bestrijden. Deze beslissing wordt genomen door de behandelende kinderarts.

Apneu

Apneu is een medische aandoening die vaak bij prematuren voorkomt. Tijdens een episode gaat de baby stoppen met ademen, de hartslag dalen en de huid gaat bleek, purper verkleuren. Apneu wordt bij prematuren veroorzaakt door een onvolledige ontwikkeling van het hersengedeelte dat de ademhaling aanstuurt. Bijna alle baby’s die voor 30 weken geboren worden, hebben er in meerdere of mindere mate last van. Apneu neemt af naarmate de baby ouder wordt.

Op de neonatale afdeling gaat men de premature baby’s hierop monitoren. Bij een episode gaat men de baby zachtjes stimuleren om opnieuw te ademen. Wanneer de apneu frequent voorkomt, kan men medicatie gebruiken of een speciaal mond/neus maskertje dat een constante luchtstroom blaast, waardoor de luchtwegen geopend blijven.

Anemie (bloedarmoede)

Veel prematuren hebben te weinig rode bloedcellen. Deze dienen om zuurstof binnen het lichaam te verplaatsen naar de diverse organen. Deze complicatie wordt in het labo via bloedtests vastgesteld. Deze tests kunnen de ernst van de anemie en het aanmaak van nieuwe rode bloedcellen aantonen.

Premature kinderen kunnen anemie krijgen door een aantal redenen. In de eerste weken na de geboorte, gaan kinderen nog geen nieuwe rode bloedcellen aanmaken. De levensduurte van de rode bloedlichaampjes is ook lager bij de baby’s dan bij een volwassen persoon. Frequente bloedafnames voor de labo-onderzoeken gaan het ook moeilijk maken om rode bloedlichaampjes op peil te houden. Daarom gaan premature baby’s, zeker deze die minder dan 1000 gram wegen, bloedtransfusies krijgen om de rode bloedcellen op peil te houden/ te verhogen.

Lage bloeddruk

Lage bloeddruk komt vaak voor, net na de geboorte. Het kan ten gevolge van een infectie, bloedverlies of medicaties, verstrekt aan de moeder net voor de geboorte, komen. Lage bloeddruk wordt bestreden door de vloeistofinname van het kind te verhogen en/of medicatie voor te schrijven. Baby’s met lage bloeddruk ten gevolge van bloedverlies, kunnen een bloedtransfusie vereisen. Dit wordt beoordeeld door de behandelende arts/gynaecoloog.

 

Ademhalingsproblemen.

Één van de meest voorkomende problemen bij prematuren is een moeilijke ademhaling, met name RDS. Dit is een Engelse afkorting voor Respiratory Distress Syndrom. De longen van vroeggeboren baby's kunnen onvoldoende ontwikkeld zijn bij de geboorte. Symptomen zijn overmatig kreunen en bij iedere ademhaling een intrekkende borstkas. Voor een normale ademhaling dient het ademend oppervlak van longblaasjes voldoende gerijpt te zijn. In de longen wordt daarvoor een eiwit, surfactant, gebruikt welke vroeggeboren baby's nogal eens onvoldoende hebben en daarom wordt dit toegediend. Wanneer een prematuurtje gaat komen, gaat men zwangere vrouwen medicatie toedienen en dit juist voor de geboorte zodanig dat de productie van dit eiwit in de longen van de baby wordt versneld en als dusdanig het RDS wordt vermeden. Na de geboorte gaat men artificieel surfactant toedienen aan de baby, indien nodig. Deze behandelingswijze heeft het gebruik van de ademhalingsmachine voor de baby tegenwoordig sterk reduceert.

Bronchopulmonale dysplasie (BPD)

BPD is een vaak voorkomende longaandoening bij prematuren, zeker bij deze van lager dan 1000 gram geboortegewicht. Het exacte ontstaan van deze ziekte is nog onduidelijk, maar extreme vroeggeboorte, ernstige RDS, infecties voor en na de geboorte of een langdurig gebruik van zuurstof met ventilator kunnen aanleiding geven tot deze ziekte. De prematuren worden via medicatie en zuurstof voor deze aandoening behandeld.

Infecties

Infecties vertegenwoordigen een groot gevaar voor de prematuren, omdat hun afweersysteem, in tegenstelling tot voldragen baby’s, minder goed in staat is om ziektekiemen te bestrijden. De infecties kunnen via de moeder juist voor, tijdens of na de geboorte doorgegeven worden. Bijna elk lichaamsdeel kan geïnfecteerd geraken en daarom is extreme en frequente handhygiëne op de neonatale afdeling een absolute must. Bacteriële infecties kunnen via antibiotica worden bestreden, maar er zijn ook andere medicaties tegen onder andere virale infecties en schimmelinfecties. Een diagnose en behandeling wordt opgesteld door de behandelende kinderarts.

Prematuren Rethinopathie:

Prematuren retinopathie is een aandoening die kan ontstaan in het netvlies van te vroeg geboren kinderen. In het netvlies treedt een verstoring op van de groei van de normale bloedvaten. Dit kan leiden tot afwijkende bloedvaten welke aan het netvlies kunnen trekken waardoor dit uiteindelijk plaatselijk of geheel los kan raken. Het netvlies begint zich immers te ontwikkelen in de zestiende week van de zwangerschap en is pas na negen maanden voltooid. Bij te vroeg geboren kinderen is de ontwikkeling dan ook nog niet afgerond en daarom is de kans op Rethinopathie groter naarmate de zwangerschap korter heeft geduurd

Bij tijdige ontdekking kan in ongeveer de helft van de gevallen met succes worden behandeld. In het eindstadium is er niets meer aan te doen en leidt de aandoening tot blindheid. Daarom is tijdige opsporing van belang. Vrijwel alle prematuren worden dan ook binnen enkele weken na de geboorte door een oogarts onderzocht op afwijkingen aan het netvlies.

 

Ductus arteriosus

De ductus arteriosus of ductus van Botall is een bloedvat dat de longslagader verbindt met de lichaamsslagader (aorta).  Hij speelt vooral een belangrijke rol tijdens de zwangerschap.

Tijdens het normale leven zorgen de longen voor de opname van zuurstof en de afvoer van koolstofdioxine. Het zuurstofarme bloed dat vanuit het lichaam in de rechtervoorkamer aankomt, vertrekt vanuit de rechterkamer via de longslagader naar de longen waar de zuurstofuitwisseling plaatsvindt. Het zuurstofrijke bloed zal daarna via de linkervoorkamer en -kamer naar het lichaam worden gevoerd. Tijdens het leven in de baarmoeder echter wordt deze rol van zuurstofuitwisseling overgenomen door de moederkoek. De bloeddruk in de longen is op dat ogenblik zeer hoog en volgens de wetten van de fysica neemt het bloed de weg van de minste weerstand: het zuurstofarme bloed stroomt van het rechterhart niet naar de longen maar via het foramen ovale en de ductus arteriosus naar de aorta en zo naar de moederkoek. Onmiddellijk na de geboorte nemen de longen hun taak van gasuitwisselaar op. De bloeddruk in de longcirculatie zakt drastisch en het zuurstofarme bloed zal nu wel via de longslagader naar de longen stromen. Op dat ogenblik is de taak van de ductus arteriosus als "binnenweg" voor het bloed uitgespeeld. Normalerwijze zal dit bloedvat dan ook onder invloed van verscheidene fysische en chemische processen spontaan sluiten.

Meestal sluit de ductus arteriosus binnen de eerste 3 levensdagen. In enkele specifieke gevallen echter gebeurt dit niet. De longen raken op deze manier te veel gevuld met bloed wat aanleiding geeft tot zuurstofnood. Indien de problemen te groot zijn moeten deze pasgeboren baby's behandeld worden. Is er geen zuurstofnood kan worden afgewacht. De ductus arteriosus kan immers nog spontaan sluiten tot 6 maanden na de geboorte.

De diagnose van deze aandoeing wordt gedaan door een echocardiogram. Hierbij kan dit bloedvat niet enkel worden gevisualiseerd, maar kan er ook worden geëvalueerd hoeveel bloed opnieuw naar de longen stroomt. Bovendien kunnen eventuele complicaties in het licht worden gesteld.

Indien een premature baby of pasgeboren baby zuurstofnood heeft omwille het openblijven van de persisterende ductus arteriosus kan getracht worden de ductus te sluiten door middel van medicijnen. Indien een medicamenteuze behandeling niet aanslaat en de baby veel last heeft, moet soms worden overgegaan tot een chirurgische sluiting (ligatie).

Na de neonatalogie?

Prematuur geboren baby’s hebben een speciale behandeling nodig na de geboorte. Dit gebeurt op de neonatalogie. Indien ze deze afdeling verlaten, hebben ze evenwel nog steeds speciale aandacht en zorg nodig. Naast de gewone vaccinaties en kinderonderzoeken, hebben premature baby’s nood aan periodieke gehoor- en oogonderzoeken.

Er dient ook nauwgezette aandacht geschonken te worden aan de ontwikkeling van het centraal zenuwstelsel. Dit houdt in dat men nauwgezet gaat opvolgen hoe de motorische vaardigheden zoals lachen, zitten, wandelen, positionering en spiertonus zich ontwikkelen.

Ook de spraak- en gedragsontwikkeling moet nauwgezet opgevolgd worden. Sommige prematuren hebben immers speciale spraak- en/of fysieke therapie nodig. Kinderen met complicaties moeten daarenboven ook medisch goed opgevolgd worden.

De steun en opvang binnen de familie is ook essentieel, omdat de zorg voor een premature baby nog veeleisender is dan bij een voldragen baby. Zorg ervoor dat u goed bijgestaan wordt door de behandelende kinderarts en bij de minste vragen/zorgen dat u contact met deze professional opneemt.