Header image  
Pasgeborenen: Neonatale infecties
 
line decor
 

 
 
 


   

Neonatale infecties

Het overgrote deel van de pasgeborenen komt kerngezon ter wereld. Maar toch kan het soms ook fout lopen. Pasgeborenen zijn evenwel voor welbepaalde ziektes zeer gevoelig, meer zelfs dan bijvoorbeeld oudere kinderen en volwassenen.

 

Dit komt omdat hun immuunstelsel nog niet voldoende ontwikkeld is om de bacteriën, virussen of parasieten, die deze ziektes veroorzaken, te bestrijden. Wanneer dus pasgeborenen ziek worden, moeten ze op neonatologie behandeld worden . Het is als nieuwe ouders heel schrikwekkend om zo’n kleine baby op de neonatologie te zien liggen, maar een verblijf op deze afdeling is de beste manier om de baby zo snel mogelijk terug gezond te krijgen. Veel ziektes geven identieke symptomen. Bel uw huisarts of kinderarts wanneer u volgende tekenen ziet bij de baby:

*) Slecht eten/voeden
*) Moeilijkheden met ademhaling
*) Lusteloos
*) Verminderde of verhoogde temperatuur (Zie onze pagina ivm koorts opnemen)
*) Huiduitslag
*) Aanhoudend huilen
*) Ongewone prikkelbaarheid

Ook plotse veranderingen in het gedrag van uw baby kan een mogelijke indicatie zijn van een probleem. Bijvoorbeeld een actieve baby die opeens heel slaperig wordt of omgekeerd. Indien uw baby onder de twee maanden deze tekenen vertoont, moet u onverwijld een arts consulteren. Ook bij de minste vragen die u heeft, aarzel niet en contacteer een (kinder)arts.

Vaak voorkomende neonatale infecties:

Groep B streptokokken ziekte (GBS)

De groep B streptokokken zijn een vaak voorkomende soort bacterie die aanleiding kan geven tot een verscheidenheid van infecties bij pasgeborenen. Enkele hiervan zijn Sepsis, longontsteking en hersenvliesontsteking. De baby’s krijgen de bacterie vaak via hun moeder en dit tijdens de geboorte zelf. Deze bacterie komt immers voor in het rectum of de vagina, waardoor ze gemakkelijk op de pasgeborenen kunnen overgaan tijdens de geboorte.

Baby’s met GBS vertonen vaak symptomen van infectie binnen de eerste week, maar er zijn ook gevallen waarbij de symptomen zich pas na een bepaalde periode manifesteren (weken tot maanden later). Afhankelijk van de infectie (longontsteking of bloedvergiftiging bijvoorbeeld, gaan de symptomen variëren van moeilijke ademhaling, hoge temperatuur, lusteloosheid of (emotionele) irritatie.

Om de diagnose van GBS te stellen nemen dokters bloedstalen en gaan ze bloed, urine tot zelfs cerebro-spinale vloeistof op cultuur zetten om de aanwezigheid van de bacterie proberen aan te tonen. Artsen gebruiken naalden voor het verkrijgen van het bloedmonster en een spinale naald voor de lumbaalpunctie om het hersenvocht te verkrijgen. Urine wordt verkregen via een katheter die in de plasbuis wordt ingebracht. Infecties veroorzaakt door GBS worden behandeld met antibiotica en die onder constante monitoring in het ziekenhuis.  

Listeriose

Infectie met de listeria monocytogenes bacterie kan leiden tot ziektes zoals pneumonie, bloedvergiftiging en hersenvliesontsteking bij pasgeborenen. De meeste mensen komen in contact met deze bacterie  door het eten van besmet voedsel. De bacterie wordt immers aangetroffen in de bodem en in water en kan op die manier terechtkomen op groenten en fruit, alsmede op levensmiddelen afkomstig van dieren, zoals vlees en zuivel. Voedsel dat niet fatsoenlijk is schoongemaakt, gepateuriseerd of gekookt, kan iemand listeriose bezorgen.

Babies kunnen de bacterie via hun moeders krijgen wanneer deze tijdens de zwangerschap listeriose krijgt. In ernstige gevallen kan het aanleiding geven tot vroeggeboorte of zelfs tot overlijden van de baby. Baby’s die geboren worden met listeriose vertonen symptomen die vergelijkbaar zijn met die van GBS.

Opnieuw moet deze ziekte in het ziekenhuis behandeld worden met behulp van antibiotica. De diagnose zelf gebeurt via bloedonderzoek of een analyse van spinale vloeistof.

E. Coli besmetting

Escherichia coli (E. coli) is een bacteriële boosdoener achter een aantal gemeenschappelijke neonatale infecties, en kan aanleiding geven tot urineweginfecties, sepsis, meningitis, en longontsteking. Iedereen draagt E. coli in hun lichaam en baby’s kunnen ermee besmet raken tijdens de geboorte, wanneer ze door het geboortekanaal komen. Maar de besmetting kan ook gebeuren in het ziekenhuis of thuis door in contact te komen met de bacterie.

Zoals bij andere bacteriële infecties, zijn de symptomen afhankelijk van de infectie die voortspruit uit de besmetting met de bacterie. Koorts, lusteloosheid en een gebrek aan eetlust zijn evenwel vaak voorkomend.

De diagnose wordt weer gesteld via bloed, urine of spinale vloeistof onderzoek, waarna de infectie bestreden wordt met de juiste antibiotica.

 

Meningitis of hersenvliesontsteking

Meningitis is een ontsteking van de vliezen rondom de hersenen en het ruggenmerg. Het kan worden veroorzaakt door virussen, schimmels en bacteriën, zoals Listeria, GBS, en E. coli . coli. Pasgeborenen kunnen deze ziekteverwekkers tijdens de geboorte krijgen of via hun omgeving, zeker als ze een verzwakt immuunsysteem hebben.

De symptomen van een infectie bij pasgeborenen zijn niet erg specifiek en kunnen variëren van aanhoudende huilen, prikkelbaarheid, abnormale slaapproblemen, lethargie, eetlustproblemen, lage of onstabiele lichaamstemperatuur, geelzucht, bleekheid, ademhalingsproblemen, huiduitslag, braken, of diarree.  Naarmate de ziekte vordert kunnen de fontanellen (de nog te verbenen gedeeltes van de schedelpan) gaan uitpuilen.

Bij vermoeden van de ziekte, en dan met name de bacteriële variant, gaat de arts met een naald uit de ruggegraat via de zogeheten lumbale punctie, spinale vloeistof extraheren om op die manier de juiste diagnose en identificatie te stellen. De behandeling van meningitis hangt immers af van de oorzaak. Zuigelingen met bacteriële meningitis gaan antibiotica krijgen, terwijl de virale meningitis (veroorzaakt door virussen) met antivirale medicatie wordt bestreden. De behandeling neemt plaats onder intensieve begeleiding in het ziekenhuis. Meningitis kan immers dodelijk zijn. Een snelle diagnose en behandeling is dus essentieel.

Sepsis of bloedvergiftiging.

Bloedvergiftiging is een ernstige infectie, waarbij de ziektekiemen doorheen het lichaam worden getransporteerd via het bloed. Het kan worden veroorzaakt door virussen, schimmels, parasieten of bacteriën. Sommige van deze ziektekiemen worden tijdens de geboorte opgenomen, terwijl anderen later via de omgeving kunnen opgenomen worden.

Net als bij meningitis zijn de symptomen niet erg specifiek en kunnen ze van kind tot kind variëren. Een lagere hartslag, ademhalingsproblemen, geelzucht, slechte eetlust, een lage of onstabiele lichaamstemperatuur, lethargie kunnen allemaal tekenen zijn van een infectie.

Om een diagnose te stellen trekken de artsen bloed tot soms zelfs spinale vloeistof via een lumbale punctie. Men gaat immers in verschillende lichaamsvochten op zoek naar de boosdoeners. De initiële aanpak en detectie van meningitis en sepsis is dan ook identiek. Zodra een positieve diagnose is gesteld, gaat het kind een antibioticakuur krijgen tijdens het verblijf in het ziekenhuis.

Conjunctivitis

Sommige baby's ontwikkelen een ontsteking van het oog die de membranen (of bindvlies), beter bekend als conjunctivitis, waarbij het oog zwelt en rood uitziet, met een mogelijke pusvorming. Zowel bacteriële als  virale infecties kunnen hiervan de oorzaak zijn.

Een grondig lichamelijk onderzoek en laboratorium tests op een staaltje genomen van het ontstekingsvocht gaan de arts de juiste diagnose leveren. Behandeling gebeurt met antibiotica, oogdruppels en oogzalf. De infectie is zeer besmettelijk, dus zal de arts vragen om het contact met andere kinderen binnen het gezin te beperken. Bij een ernstige vorm van conjunctivitis gaat de arts hospitalisatie voorschrijven.

Candidiasis

Een te sterke groei van een in ieder mens voorkomende gist, met name de candida gist, kan aanleiding geven tot de schimmelinfectie candidiasis, ook wel spruw genaamd. Bij pasgeborenen uit het zich vaak onder de vorm van luier-uitslag, maar baby’s kunnen de schimmelinfectie ook krijgen in de mond en keel en dan noemt men het ‘spruw’. Het veroorzaakt scheurtjes in de mondhoeken en witte plekken op de tong, verhemelte, lippen en binnenkant van de wangen.

De arts neemt een uitstrijkje van de mond en onderzoekt dit op de aanwezigheid van de schimmel. In de meeste gevallen is geen behandeling nodig en zal het kind via zijn eigen (op te bouwen) immuunsysteem herstellen. Huisartsen en kinderartsen zijn daarom zeer terughoudend met het behandelen van spruw bij baby's, zeker als er geen klachten bij voorkomen.
Congenital Infecties of aangeboren infecties

Veel infecties krijgt het kind via zijn moeder en dit tijdens de zwangerschap of tijdens de geboorte zelf. Omdat de baby er dan mee geboren wordt, spreekt men van congenitale infecties. Ze worden vaak veroorzaakt door virussen, maar ze kunnen ook ontstaan door bacteriën, schimmels en parasieten ook.

Onder de congenitale infecties vallen: HIV (die in later stadium aanleiding geeft tot AIDS); rubella (rodehond); waterpokken, syfilis, herpes, toxoplasmose, en het cytomegalovirus, de meest voorkomende aangeboren infectie en de voornaamste oorzaak van aangeboren gehoorverlies. Een aantal van deze infecties, zoals de GBS-infectie en listeriose, kunnen worden enerzijds via de moeder worden verworven of later via de omgeving.

De kans is groter dat een baby met een infectie geboren wordt, indien de moeder tijdens haar zwangerschap voor een eerste maal geïnfecteerd raakt met een bepaalde ziektekiem. De overdracht van de infectie naar de baby gebeurt evenwel (gelukkig) niet altijd. Andere pasgeborenen hebben niet meteen tekenen van de ziekte, maar vertonen symptomen op een later tijdstip.

Het risico dat deze infecties vormen voor de baby is afhankelijk van het tijdstip van de blootstelling aan de ziektekiem door de moeder. Met veel infecties, zoals rodehond en toxoplasmose,  is het risico groter als de blootstelling tijdens het eerste trimester plaatsgrijpt. Als de moeder dan besmet raakt, kan dit ernstige problemen bij de baby veroorzaken zoals:  hartaandoeningen, hersenbeschadiging, doofheid, visuele stoornis, of zelfs een miskraam. Infectie op een later tijdstip in de zwangerschap kan nog steeds problemen leveren voor de baby, maar met vaak minder ernstige gevolgen (afhankelijk van de ziekte natuurlijk).  

Sommige vroege signalen van een mogelijk aangeboren infectie zijn: een te klein of te groot hoofd, stuiptrekkingen, problemen met de ogen, huiduitslag, geelzucht, opgezwollen buikorganen en hartgeruis.

Als een aangeboren infectie wordt vermoed, zal een arts testen op bloed en andere lichaamsvochten doen doen bij zowel de baby als bij de moeder. De behandeling omvat vaak  antivirale medicatie of antibiotica die worden gebruikt voor de behandeling van ziektes bij oudere patiënten, evenals intensieve ondersteunende zorg in het ziekenhuis. Congenitale infecties moeten ook van nabij worden opgevolgd als het kind verder opgroeit.

 

Complicaties van neonatale infecties

Neonatale infecties die niet worden behandeld, kunnen ernstige gevolgen hebben. Omdat het lichaam van een baby in volle ontwikkeling is, kan een ziekte ernstige complicaties opleveren. In sommige ernstige gevallen, zelfs met fatale gevolgen.

Baby’s hebben een kwetsbaar immuunsysteem, dat zich eigenlijk nog volop moet ontwikkelen en ze zijn derhalve niet goed uitgerust om infecties te bestrijden. Premature baby’s hebben zelfs nog een groter risico op de ontwikkeling van een ernstige ziekte, zeker in vergelijking met een ouder kind waarbij dezelfde ziekte wellicht een minder ernstig karakter zal hebben. Een vroege diagnose, snelle behandeling, en nauwlettend toezicht geven een baby de beste kans om de infectie te overwinnen.

Kunnen neonatale infecties worden voorkomen?

Als een diagnose wordt gesteld bij een zwangere vrouw, kan het risico op overdracht van de infectie naar de baby worden gereduceerd door preventieve maatregelen zoals medicatie. Daarom is het ook essentieel dat een moeder zich onder begeleiding van haar gynaecoloog laat testen op bepaalde ziektes.

In veel gevallen kan een snelle bloedtest al bepalen of een zwangere vrouw preventieve behandelingen moet ondergaan. Voor een zwangere vrouw met listeriose bijvoorbeeld, kan een behandeling met antibiotica de overdracht naar de baby voorkomen. Vrouwen met een HIV-besmetting kunnen met anti-retrovirale medicatie, het risico op overdracht van de ziekte naar hun baby verlagen.

Andere neonatale infecties kunnen het beste voorkomen worden door ze niet op te lopen. Vrouwen kunnen zichzelf en hun baby beschermen door:

*) Inenting tegen rubella en waterpokken vooraleer zwanger te worden.
*) Voedsel grondig spoelen en bereiden (temperatuur hoog genoeg bij het bereiden)
*) Goede handhygiëne
*) Afval vermijden en zeker contact met katten (toxoplasmose) vermijden
*) Dierlijke uitwerpselen vermijden (toxoplasmose)
*) Veilig vrijen

Het voornaamste blijft om risicogedrag te vermijden en een goed contact te onderhouden met de gynaecoloog tijdens de zwangerschap. Eventuele vragen kunnen door deze professional zondermeer beantwoord worden.