Header image  
Kinderziektes: Hypothyreoïdie of een te traag werkende schildklier  
line decor
 
line decor
   
 

Hypothyreoïdie of een te traag werkende schildklier 

Een schildklierprobleem ontwikkelt zich meestal heel langzaam en bij een traagwerkende schildklier zal men eerst vrij vage klachten krijgen zoals: Tintelingen, loomheid, moeheid en gewichtstoename. Ook apathie, allergieën en obstipatie kunnen behoren tot de klachten.

Om het effect van een te traag werkende schildklier moeten we eerst de functie en werking van de schildklier in het kort bespreken. De hypofyse, een kleine klier in het hoofd gelegen onder de hersenen, stimuleert de schildklier tot de aanmaak en afgifte van schildklierhormonen door het schildklierstimulerend hormoon. Om schildklierhormoon te maken heeft de schildklier jodium nodig, die uit het bloed worden gehaald. De schildklier maakt hierop heel veel T4 en ongeveer 20% van de benodigde voorraad T3 aan.
T4 doet vooralsnog niets in het lichaam, het moet worden omgezet naar het werkzame hormoon T3 en deze omzetting gebeurt in de lever. Bij een te traag werkende schildklier zal dit een weerslag hebben op de hypofyse, die hierdoor nog harder zal werken om méér schildklierstimulerend hormoon vrij te geven. De hypofyse doet dit om de schildklier maximaal te stimuleren.

 

De oorzaken?

Er kunnen verschillende oorzaken zijn:

*) Auto-immuunziekte: Het lichaam gaat antistoffen aanmaken tegen de schildklier.
*) Een ontsteking aan de schildklier die kan optreden na de geboorte van een kind.
*) Bij mensen waarbij men een stuk van de schildklier heeft weggenomen (bij mensen met een te snel werkende schildklier).
*) Een ernstig jodiumtekort, meestal te wijten aan te weinig jodium in de voeding.
*) Aangeboren schildklierafwijking

De symptomen?

Meestal geeft een te traag werkende schildklier eerst aanleiding tot vage klachten. De aandoening ontwikkelt zich heel langzaam, vandaar dat ook de symptomen licht beginnen en steeds verder verergeren. Tevens is er een heel breed scala aan symptomen:

*) In eerste instantie zijn de meeste patiënten sneller vermoeid en voelen ze zich slomer aan en sommige hebben steeds koud.
*) Gewichtstoename.
*) Benauwdheid.
*) Duizeligheid.
*) Kouwelijkheid.
*) Lage lichaamstemperatuur
*) Lage bloeddruk.
*) Darmproblemen.
*) Obstipatie.
*) Spier- en gewrichtspijnen.
*) Slaapstoornissen.

 

Diagnose en behandeling:

De diagnose zal gebeuren door een endocrinoloog, vaak na doorverwijzing door de huisarts. Met behulp van het klachtenpatroon en een bloedproef verwijst deze laatste de patiënt door. In deze bloedtest wordt het T4 en T3 gehalte getest. Ook het schildklierstimulerend hormoon (TSH) wordt getest. De behandeling zelf wordt volledig opgesteld door de endocrinoloog die via een dieet of schildklierhormoonsupplementatie de bloedwaardes zal proberen te normaliseren. De behandeling wordt heel nauwgezet opgevolgd en vergt een grote nauwgezetheid vanwege de patiënt. Vaak moet men de schildklierhormonen levenslang blijven gebruiken. Een zwangerschap vergt voor de schildklierpatiënt ook een nauwgezette opvolging, zowel door de gynaecoloog als de behandelende endocrinoloog. Lees ook onze pagina's over 'Bloedtests' en 'een te snel werkende schildklier'.