![]() |
www.kleinkind.be | |||
| Kinderziektes: Trombose | ||||
Trombose is een aandoening waarbij er in de bloedvaten een bloedstolsel wordt gevormd. Dit kan ontstaan in zowel de aderen als de slagaderen. Een slagaderlijke trombose leidt tot een verminderde bloedtoevoer naar de weefsel, die voor de bloedvoorziening op deze ader rekenen. Meestal hangt dit samen met aderverkalking, een verharding van de aderwanden, waardoor deze minder soepel worden. Wanneer er trombose optreedt in een ader geeft dit aanleiding tot verminderde bloedafvoer en zwelling van het betroffen lichaamsdeel.
Gevolgen en oorzaken: De gevolgen van trombose kunnen onder andere hartinfarct en beroerte. Bloedstolsels kunnen immers losraken van de aderwand en met het bloed meegevoerd worden, waarna ze in een kleiner bloedvat vastraken en dit afsluiten. Zo’n meegevoerd bloedstolsel noemt men een embolie. Wanneer dit gebeurt in de hersenen, geeft dit dus aanleiding tot een herseninfarct (beroerte), in de longen spreekt men van een longembolie en in het hart van een hartinfarct. Doordat in de slagaders meestal een grote stroming van bloed is, is de kans dat er een trombose ontstaat niet zo groot. Maar indien de bloedstroom omwille van één of andere reden belemmerd wordt, bijvoorbeeld door aderverkalking, kan ook daar een trombose ontstaan. De ruwere wand van de verkalkte aders geven ook vaker aanleiding tot stolsels. In de aders is de stroomsnelheid veel lager en hier wordt de doorstroming ondersteund door de spieren. Wanneer men lang stilzit of ligt neemt de stroomsnelheid in de ader af en kan dit aanleiding geven tot een trombose. In de meerderheid van de gevallen heeft de patiënt meerder risicofactoren. Zeker personen die lang bedlegerig zijn of lange vliegreizen ondernemen, hebben een verhoogd risico. Ook gebruiksters van de anticonceptiepil hebben een verhoogd risico bij vliegtuigreizen. Uitdroging tijdens lange vliegtuigreizen moet vermeden worden en daarom gebruikt men best géén alcohol tijdens de vliegreis.
Behandeling: Bij een trombose in een grote slagader kan dit veel schade veroorzaken aan een bepaald lichaamsdeel. Vandaar dat men snel en efficiënt moet ingrijpen. Dit kan men doen door het toedoenen van sterk stolseloplossende middelen. Ook kan men via een katheter proberen het stolsel te verwijderen. Ook chirurgisch wordt er soms ingegrepen. Aangezien aderverkalking vaak een oorzaak is van arteriële trombose, gaat men deze patiënten behandelen met aspirine, zodanig dat het ontstaan van een trombose wordt voorkomen. Aspirine werkt immers in op de bloedplaatjes in het bloed, die de neiging vertonen zich op een aderverkalkte wand neer te zetten. Het nadeel van stolseloplossende en bloedverdunnende medicatie is dat er te gemakkelijk een bloeding kan ontstaan. De behandelende arts gaat hierdoor zeer voorzichtig te werk gaan en zal de voordelen met de nadelen van deze medicatie moeten afwegen. De remming van bloedstolling is immers van meerdere factoren afhankelijk waardoor dan ook regelmatig (bloed)controle nodig is. Daarnaast zal de arts vaak een aangepast dieet voorschrijven, waarbij men de nuttiging van voedsel met veel vitamine K tracht te beperken. Deze vitamine is immers belangrijk voor het stollingsfactor van het bloed en een teveel ervan kan bij trombosegevoelige patiënten aanleiding geven tot problemen. Trombose bij kinderen Soms komt trombose voor bij kinderen. De behandeling verloopt hetzelfde als bij volwassenen. Blessure gevoelige sporten kunnen beter gemeden worden (hockey, voetbal, skieën). Men moet extra alert zijn bij bij verwondingen en harde stoot- en valpartijen, vooral als deze gepaard gaan met hoofdletsel! Neem bij bloedingen altijd contact op met de behandelende arts. Deze zal de behandeling funderen op medicatie, maar ook op een aangepast dieet, waarbij men voedingsmiddelen met veel vitamine K beperkt. Vitamine K is immers belangrijk voor het stollen van het bloed, dus een overmaat hiervan kan aanleiding geven tot problemen. Vandaar dat de arts hiervoor vaak een dieet opstelt. De behandeling met antistollingsmiddelen staat ook het beoefenen van een sport door het kind niet in de weg. Maar blessuregevoelige sporten kan men best vermijden. Ook dienen we er ons als ouders en grootouders van bewust te zijn dat actieve (sport)vakanties een risico met zich meebrengen, zeker als het kind bloedverdunners neemt. Let er ook op dat men bij vaccinaties tijdelijk de antistollingsbehandeling moet stopzetten. Zoniet kan er bij injectie in de spieren een spierbloeding ontstaan, die door de bloedverdunners niet zal stoppen. Vaccinatie moet dus zondermeer volledig onder doktersbehandeling gebeuren. Omwille van die reden moet het nemen van de bloedverdunners zeker vermeld worden op school en bij het medisch onderzoek door de schoolarts!
|
||||