Header image  
Kinderziektes: Rotavirus  
line decor
 
line decor
   
 

Het rotavirus

Wereldwijd treft het virus vrijwel alle kinderen jonger dan vijf jaar. Soms met een dodelijke afloop. In onze omgeving is het rotavirus vooral ’s winters en in het vroege voorjaar actief. Het is verantwoordelijk voor zowat de helft van alle diarreegevallen bij kinderen jonger dan twee jaar. Meer zelfs, elk kind van twee à drie jaar heeft minstens één rotavirusinfectie doorgemaakt, twintig procent zelfs meer dan twee. Door de hoge besmettingsgraad, vertoeft het virus ook vaak in kinderdagverblijven, waar de kinderen één na één ziek ervan worden.

Symptomen:

De infectie uit zich door koorts, braken en een waterachtige diarree. Het braken duurt enkele dagen en de diarree kan tot een week aanhouden.
Door de infectie gaan er ook darmproblemen optreden, waarbij het kind problemen krijgt met de vertering van suikers en vetten.

Ook uitdroging is een gevaarlijke verwikkeling van de infectie. Tekenen daarvan zijn droge slijmvliezen, ingevallen fontanellen, diepliggende ogen en weinig urineproductie. Bij extreme uitdroging kan de infectie dodelijk zijn.  Veel drinken, is dus de boodschap voor kinderen die braken en diarree hebben. Baby’s mogen borstvoeding of onverdunde flessenvoeding krijgen.
Als extra vocht kunnen water, babythee en rijstwater worden gegeven. Ook fruitpapjes, groenten en brood kunnen best als het kind er zin in heeft. Voor oudere kinderen met diarree zijn water, thee, cola, vruchtensap, soep, rijstwater en yoghurtdranken het meest geschikt.
Peuters drinken beter geen appelsap, omdat het de darmen irriteert en de diarree kan laten aanhouden. Laat kinderen eten waar ze trek in hebben. Enkel te veel zoetigheid en laxerende voeding (bv. pruimen, vette eetwaren) zijn te mijden.

Hoe naar de symptomen ook zijn, de infectie zelf heeft geen gevolgen op langere termijn. Sommige kinderen kunnen wel een hele tijd - soms drie maanden lang - last hebben met de vertering van melkproducten. Kenmerken daarvan zijn een bolle buik, het laten van vele windjes, een slechte eetlust en het minder snel groeien. Het tijdelijk vervangen van zuivelproducten door bijvoorbeeld sojaproducten doet de klachten verminderen.

Zoals bij elke infectie versterkt de lichamelijk weerstand van het kind en zal het bij een mogelijke volgende besmetting minder ziek zijn. De meeste kinderen op de leeftijd van vijf jaar hebben voldoende weerstand ertegen opgebouwd.

 

Besmettelijkheid?

De oorsprong van het rotavirus is onbekend, maar het is wel geweten dat het zich in de stoelgang van personen bevindt en dit vanaf het moment van besmetting tot ongeveer acht dagen na het verdwijnen van de klachten.

De besmetting zelf kan gebeuren door het geven van een hand, via het bereiden van voeding of door het vastnemen van deurknoppen, speelgoed of andere voorwerpen. Een paar dagen na besmetting, breekt de ziekte uit.

Vooral als de hygiëne ontoereikend is, verspreidt het virus zich razendsnel. Maar ook in optimale hygiënische omstandigheden, zoals in een ziekenhuis, is besmetting niet te voorkomen. Besmette personen die niet ziek zijn, weten bovendien niet dat ze drager zijn van het virus. Waardoor de kans op verspreiding enkel maar toeneemt.

Om de verspreiding van het rotavirus in te dijken, is aangeraden dat kinderen, ouders en personeel van kinderdagverblijven vaak hun handen wassen. Wie in aanraking komt met uitwerpselen van besmette kinderen, doet er goed aan handschoenen te dragen. Kledij kan best op minstens 50°C worden gewassen, zodat het virus deze temperatuur niet overleeft.

Vaccinatie?

Vaccinatie op jonge leeftijd kan infectie voorkomen. Ze beschermt zuigelingen voor 85 procent tegen ernstige infecties en voor 100 procent tegen extreme vormen van uitdroging.
De vaccins zijn even efficiënt en worden via de mond ingenomen. In België gebeurt dit vaak bij Kind en Gezin. Omdat infectie vooral voorkomt bij kinderen tussen 6 en 24 maanden, moet de vaccinatie op jonge leeftijd gebeuren.

Van het door het ziekenfonds terugbetaalde vaccin volstaan twee dosissen, bij voorkeur toegediend als de baby twee en drie maanden oud is.

Naar de arts?


Omdat diarree meestal vanzelf overgaat, is het doorgaans niet nodig een arts te consulteren.
Bij baby’s kunt u best geen enkel risico lopen en onmiddellijk uw arts te contacteren als uw baby na twee voedingen nog diarree heeft, als hij niet wil drinken, als hij suf is, als er bloed in de stoelgang zit, als de baby braakt of als hij koorts heeft.
Bij kinderen ouder dan één jaar is doktersadvies aanbevolen als de symptomen langer dan twee dagen duren, als er ook andere klachten zijn (bv. oorpijn, keelpijn, hoge koorts), als er bloed in de stoelgang zit, als het kind suf of in de war is of als u zich ongerust maakt.