De eerste zes maanden van hun leven hebben alle baby's een zeer sterke zuigbehoefte. Voor een baby is het zuigen op de borst, fles, duim of speen in sommige opzichten ook goed. In de eerste maanden is het zuigen goed voor de ontwikkeling van de kaak en voor de ontwikkeling van het gevoel in de mond. Na zes maanden neemt de zuigbehoefte af, maar dan is het duimen of op een speen sabbelen een gewoonte geworden en vindt het kind troost erin. Het sabbelen geeft een gevoel van geborgenheid, ontspanning en vertrouwdheid. Maar wanneer de eerste tanden beginnen door te komen is het eigenlijk toch aangeraden om het sabbelen af te leren. Dit is evenwel niet zo makkelijk.
Het beste is het duimen of het speenzuigen voor het eerste jaar af te leren. Maar het kind moet meewerken en zeker op deze leeftijd is dit vaak onmogelijk. Men raadt dan ook aan om het duimen of speenzuigen af te leren rond vier à vijf jaar af te leren, wanneer het kind er uiteraard niet vanzelf mee ophoudt.
Gevolgen
Door het duimen of het speenzuigen kunnen de boventanden onvoldoende groeien. Het melkgebit kan zich wel herstellen indien een aantal maanden niet gesabbeld wordt, maar de tanden kunnen er ook scheef door gaan staan. Daarom wordt het ten zeerste aangeraden om het sabbelen af te leren vooraleer het blijvend gebit doorkomt (meestal tussen 5à 6 jaar). Wanneer het na deze leeftijd nog duimzuigt (of speen-sabbelt), gaan de tanden naar voren staan en zal het verhemelte beïnvloed worden. Het verhemelte komt boller te staan en dit kan dan weer de stand van het neustussenschot beïnvloeden (=scheef laten staan).
Het duimen of speen-sabbelen heeft ook een invloed op het praten van het kind. Een duimzuigend kind zal onduidelijker praten, vooral met de ‘z’ en ‘s’ klanken. Het kind kan erdoor beginnen de ‘slissen’, doordat de tongpunt slapper wordt en de tond teveel naar voren wordt gebracht.
Doordat het kind duimt, zal het ook teveel door zijn mond ademen en dus ongezuiverde, koude lucht binnenkrijgt. De lucht wordt immers door de neus gezuiverd, bevochtigd en opgewarmd. Dit gebeurt evenwel niet indien het kind door de mond ademt. Het gevolg is dan vaak meer kans tot keel-en oorontsteking, hoest en verkoudheden. Doordat de mond droger wordt, is er ook een verhoogde kans op gaatjes in de tanden.
Hoe duimen of speenzuigen afleren?
Het stoppen met speenzuigen is makkelijker dan het duimen. Het speen kan immers gewoon weggenomen worden, maar er zijn altijd twee duimen aanwezig voor het kind. Om het duimen te stoppen moet het kind zelf gemotiveerd zijn om ermee te stoppen. Kies hiervoor dus een rustige periode, zodanig dat het kind zo weinig mogelijk (externe) spanningen heeft, die het afleren negatief kunnen beïnvloeden.
Eerst moet u proberen te weten wanneer het kind duimt en dan deze momenten aanpakken. Leg het kind ook uit waarom het moet stoppen met duimen. Overdag zal het kind dan ook bewust kunnen meewerken, dus kunt u best overdag beginnen om de dan aanwezige duimmomenten aan te pakken. Ook regelmatig een compliment kan en zal een goede beloning voor het kind zijn.
’s Nachts het duimen afleren is een stuk moeilijker omdat het dan onbewust gebeurt. Probeer het kind te helpen door een pleister over de duim te doen of een handschoen aan te trekken. Soms kunnen vingerpoppetjes ook helpen, maar let er steeds op dat het kind zich niet kan verstikken. Er bestaan ook zalfjes om de duim mee in te smeren, die een bittere smaak hebben en het duimen zouden afleren. Toch kunt u dit best even doornemen met uw huisarts/apotheker om het juiste product aan te schaffen.
Het is niet altijd gemakkelijk het duimen of de speen af te leren, maar wel zeer aan te raden. Problemen met spraakontwikkeling, tand-en kaakontwikkeling worden er immers door vermeden. Bij mogelijke vragen is het best zich te wenden tot de huisarts voor eventuele behandeling.
|