Header image  
Fysieke groei tijdens eerste levensjaar  
line decor
 
line decor
   
 
Fysieke groei tijdens eerste levensjaar

De baby’s groeien als een kool. In de meeste gevallen beginnen ze in deze periode te reageren op hun naam, te grijpen naar voorwerpen. Ook beginnen ze te interageren met hun omgeving en dus blijk te geven van geluk, maar ook frustratie. En frustraties zullen er volgen omdat ze zoveel zaken moeten aanleren.

Veel van die nieuwe vaardigheden gaan handig zijn om vast voedsel te eten. Alhoewel borstvoeding of flesvoeding het basisvoedsel blijft, gaan ze ook nieuwe smaken en texturen willen ontdekken. Zolang het kind maar constant en gestaag blijft groeien, moet men zich geen zorgen maken over diens eetgewoontes.

 

Hoeveel groeien baby’s van deze leeftijd nu?

De groei blijft snel en u mag toch rekenen op 700 à 900 gram per maand. Zo rond de zes maanden gaat de groei een beetje vertragen en dan komt de baby tussen de 400 à 600 gram per maand nog bij. Deze gewichtstoename blijft dan constant tot een jaar ongeveer, waarna deze weer wat vertraagt. Ook de lengte blijft toenemen en u mag aannemen dat het kind tijdens het eerste levensjaar ongeveer de helft van zijn lengte bij de geboorte aangroeit.

Ieder kind is anders en er is geen juiste waarde beschikbaar om het gewicht van een baby op bijvoorbeeld acht maanden te stellen. Tegen de acht maand zou het gewicht ongeveer 2.5 maal groter moeten zijn dan het geboortegewicht. Nogmaals, dit is een richtwaarde, maar daar blijft het dan ook bij. Ieder kind is anders!

Sinds de geboorte zal de kinderarts bepaalde waardes in de gaten zijn blijven houden. Denken we aan het gewicht, de lengte en de hoofdomtrek van het kind. De dokter zet dit uit tegen standaard groeicurven en bekijkt of het kind binnen deze curven valt.

Moet men zich zorgen maken?

Ouders maken zich vaak zorgen over de groei van een kind en gaan dit vergelijken met broertjes of zusje of leeftijdgenoten. Het is uitermate belangrijk dat men goed voor ogen houdt dat men met individuen zit en dat ieder kind anders is.

De groei is afhankelijk van verschillende factoren en die factoren zijn voor ieder mens anders:

*) Algehele gezondheid
*) De genen die de ouders aan hun kinderen doorgeven
*) De hoeveelheid en de kwaliteit van het voedsel dat de kinderen nuttigen
*) De werking van bepaalde hormonen die de groei regelen.

Op basis van zijn algemene groeicurves en de curve van uw kind zal de arts bepalen of het kind groeit volgens de verwachting. Indien hij of u zich zorgen maakt over het gewicht van de baby of over de groei in het algemeen, moet er overleg plaatsgrijpen tussen beide partijen.

 

De arts zal volgende vragen stellen:

*) Hoeveel voedingen per dag?
*) Hoelang ligt de baby aan bij borstvoeding?
*) Hoe frequent is de stoelgang van het kind?
*) Hoe frequent urineert het kind?

Daarnaast zal de arts vragen stellen over de algemene gezondheid en ontwikkeling van het kind. Vanuit deze vragen kan hij zich een beter beeld vormen over het kind en inschatten of het kind volgens zijn eigen individueel patroon fatsoenlijk groeit. Indien de arts een probleem vermoedt, zal hij bijkomend onderzoek vooropstellen en gaan kijken of er een verborgen probleem ergens sluimert.

Hoe zit het met ‘te dikke’ baby’s?

Overgewicht is een zaak waar veel ouders zich zorgen over maken, zelfs bij baby’s. Indien men zich hierover zorgen maakt, is het essentieel dat dit opgenomen wordt met een kinderarts. Enkel deze kan goed evalueren of het kind effectief aan overgewicht lijdt. Vanuit deze professionele basis kan dan bekeken worden of het voedingspatroon van het kind aangepast moet worden (of niet!). Kinderen moeten niet op dieet gezet worden. Ouders kunnen wel de voeding optimaliseren vanuit kwaliteitsoogpunt, maar ook dit moet via nauwe samenwerking met de kinderarts gebeuren. Indien er zich op vlak van het dieet een probleem stelt, zal de kinderarts opteren om de voeding te verbeteren door deze kwalitatief beter te maken. Hij zal als het ware aanraden om de lege caloriën via snoep, koekjes en frisdrank te vervangen door voedsel met een lagere calorie-niveau, maar een hogere voedingswaarde op vlak van vezels, vitamines,…

Geef het kind daarom best gepureerd voedsel van groenten of fruit, zonder toegevoegde suiker. Probeer snoepgoed en gesuikerde dessertjes te vermijden. Deze bieden immers een hoog suikergehalte en weinig voedingswaarde. Let ook op de lichaamssignalen van het kind dat het ‘vol’ is en probeer er niet meer in te proppen dan het kind zelf nodig acht. Wenen en huilen staan niet altijd gelijk aan honger hebben!

Als u zich zorgen maakt over het gewicht van uw kind, kunt u het aansporen om actiever te zijn. Voor een baby van deze leeftijd betekent dit dat hij of zij de mogelijkheid krijgt om rond te bewegen op een toegewezen plek. Dat kan in een park zijn of een afgebakende gedeelte in de woonkamer. Het kind kan op deze manier actief zijn, maar tevens nieuwe vaardigheden aanleren. Men kan het kind bijvoorbeeld ook meenemen naar babyzwemlessen, waar zowel ouders als kinderen op een fijne, relaxte manier actief zijn.

Geef ook zelf het goede voorbeeld op bewegingsvlak, maar ook op vlak van voeding. Kinderen kopiëren hun ouders of grootouders maar al te graag.

.