Jammer genoeg zijn driftbuien, gepaard met schreeuwen en tranen, een zeer gemeengoed voor kinderen onder drie jaar. Rond het eerste levensjaar is het normaal voor kinderen om separatieangst te ontwikkelen en dit op ieder moment wanneer één van beide ouders hen onder toezicht van iemand anders laat, al is het maar voor een paar minuutjes.
Separatieangst is een volkomen normale stap binnen de ontwikkeling van een kind. Begrip hiervoor en een aantal richtlijnen in het achterhoofd houden, kan u beiden helpen om erdoorheen te geraken.
Hoe ontwikkelt separatieangst zich?
Wanneer een baby geboren wordt, zult u ondervonden hebben dat hij of zij zich zeer goed aanpast aan het verplegend personeel. Dit is volstrekt normaal voor baby’s. U zult zelf wellicht meer ongemak hebben gevoeld om uw kleintje bij een familielid, babysitter achter te laten. Zolang hun behoeftes vervuld worden, gaan baby’s jonger dan zes maand zich goed aanpassen aan andere mensen.
Zo tussen de vier a zeven maand, gaat een baby doorhebben dat dingen blijven bestaan, zelfs al zijn ze niet in zicht. Dit is het moment waarop ze meestal hun valspelletjes beginnen doen. Ze nemen iets vast, laten het dan doelbewust vallen opdat een volwassene het voor hun opneemt om het opnieuw te laten vallen.
Hetzelfde gebeurt met hun ouders. Ze realiseren zich dat er slechts één papa en mama is en dat wanneer ze niet zichtbaar zijn, ze in de ogen van het kind effectief 'weg' zijn. Omdat ze op dit moment in hun ontwikkeling nog geen tijdsbesef hebben, weten ze nog niet of en wanneer u terugkomt. Dus of u nu in de keuken of ver weg bent, maakt voor de peuter niets uit. U bent verdwenen en het kind zal vanalles doen om te vermijden dat dit gebeurt.
Zo rond de leeftijd van één jaar, gaat het kind meer onafhankelijk worden, maar ze voelen zich nog onzekerder als u of uw partner verdwenen zijn. Dit is dan ook meestal het moment dat verlatingsangst zich ontwikkeld. U zult zien dat het kind zich vastklampt aan u, weent of aandacht trekt, om maar te vermijden dat u uit zijn gezichtsveld verdwijnt.
De timing van de verlatingsangst kan verschillen van kind tot kind. Sommigen krijgen het vrij vroeg, anderen hebben er bijna geen last van.
Hoe lang duurt deze fase?
Dit varieert van kind tot kind. Het hangt ook af van hoe de ouders erop reageren. In sommige gevallen, op basis van het temperament van het kind, kan verlatingsangst blijven bestaan tot ver in de lagere school. Wanneer de verlatingsangst blijft bestaan bij een ouder kind, kan dit wijzen op een onderliggend probleem, waarmee uw kind worstelt, zoals pesten, misbruik,… .
Hou in het achterhoofd dat verlatingsangst normaliter verschillend is van de gewone gevoelens die het (ouder) kind heeft, wanneer het niet graag heeft dat een ouder weggaat. In deze gevallen kan het psychische ongemak makkelijk overkomen worden, als het kind maar genoeg afgeleid wordt en zullen deze gevoelens tevens niet heroptreden, totdat de ouder terugkomt en het kind doorheeft dat de ouder weg is geweest.
Verlies ook niet uit het oog dat het kind snel doorheeft wat voor effect zijn of haar huilen op u heeft. Wanneer u telkens de kamer komt binnenlopen als het huilt en uw plannen om iets anders te doen laat vallen, zal het kind deze strategie blijven toepassen om separatie van zijn ouders te vermijden. Hier moet een gezonde balans gezocht worden.
Wat voelt u als ouder?
Gedurende deze fase gaat een heel scala van emoties doorlopen. Het kan heel vervullend zijn om te zien dat uw kind net zo gehecht is aan u als u aan het kind. Maar op hetzelfde moment voelt u zich schuldig wanneer u tijd neemt voor uzelf of het kind bij de opvang achterlaat omdat u naar uw werk moet,… . En u kan zich wellicht ook overmand voelen door de hoeveelheid aandacht dat het kind op dat moment van u eist.
Probeer in het achterhoofd te houden dat de afkeer van het kind om u te verlaten een goed teken is, dat er een gezonde verbintenis wordt aangegaan tussen uw kind en u. Uiteindelijk zal het kind inzien dat u steeds terugkeert als u weggaat en dit inzicht is voldoende om hem of haar gerust te stellen als u wegbent. Dit geeft het kind ook de kans om zijn eigen vaardigheden en onafhankelijkheidszin verder te ontwikkelen.
Hoe kunt u afscheid gemakkelijker maken voor u beiden.
Er zijn een aantal strategieën die u kunt gebruiken om het ‘ongemak’ van het kind tijdens deze moeilijke fase te verlichten:
*) Een juiste timing is essentieel. Probeer de start van de opvang niet aan te vatten tussen de leeftijd van acht maanden en één jaar, want dan is de verlatingsangst het meest voorkomend. Probeer er ook op te letten het kind niet achter te laten wanneer het moe, hongerig of rusteloos is. En indien mogelijk, plan uw vertrek net na een slaapje of een maaltijd.
*) Oefening baart kunst. Oefen om van mekaar gescheiden te zijn en introduceer nieuwe personen en plaatsen op een zeer geleidelijke wijze. Indien u zinnens bent om het kind bij een familielid of nieuwe babysit te laten vertoeven, inviteer dan deze persoon al eens op voorhand, zodanig dat het kind samen met u tijd kan doorbrengen met deze persoon. Indien het kind naar een nieuw kinderopvang gaat, plan dan een paar bezoekjes op voorhand, vooraleer het kind er een volledige dag alleen moet blijven. Oefen uw afwezigheid gedurende korte periodes bij de opvang, zodanig dat het kind er geleidelijk gewoon aan wordt dat u er niet altijd bent.
*) Wees kalm en zet door. Creëer een afscheidsritueel dat plezant, liefhebbend en vastberaden is. Wees kalm en toon vertrouwen in uw kind. Benadruk het feit dat u zult terugkeren en leg hem uit hoelang u zal wegblijven. Wanneer het kind nog geen tijdsbesef heeft, kunt u het uitleggen door te zeggen dat u na een bepaalde activiteit (lunch, speeltijd,…) zult terugkeren. Geef hem of haar uw volle aandacht wanneer u afscheid neemt. Hou dan ook voet bij stuk en keer niet terug op dat moment, want dan worden de zaken nog veel moeilijker.
*) Belofte maakt schuld. Het is uitermate belangrijk om terug te keren volgens uw gemaakte afspraken. Dit is kritisch en u mag hier geen uitzonderingen voor maken, zeker niet in deze periode. Dit is de enige manier waarop uw kind genoeg (zelf)vertrouwen kan krijgen om deze periode door te komen.
Hoe moeilijk het ook is om uw kind achter te laten wanneer hij of zij aan het schreien of roepen is, het is uitermate belangrijk om vertrouwen te hebben in de opvang om hiermee om te gaan. Het kan u beiden helpen door bijvoorbeeld na een kwartiertje na uw vertrek even contact op te nemen met de opvang. Tegen die tijd zijn de meeste kinderen gekalmeerd en zijn ze vaak aan het spelen met andere dingen. Ga zeker niet vroeger bellen!
Indien aan het opletten bent over een kind van iemand anders en het kind krijgt last van verlatingsangst, is het een goed idee om te proberen het af te leiden met een activiteit, liedjes beluisteren, spel of speelgoed. U zult moeten proberen om constant te proberen het kind af te leiden totdat het zijn verlatingsangst even uit het oog verliest.
Het is ook een goed idee om de vader en moeder van het kind niet te vernoemen, maar om op vragen van het kind over zijn ouders kort en krachtig te antwoorden. U kunt stellen: ‘Mama en papa komen zo snel mogelijk terug als ze gegeten hebben. Kom we gaan met wat speelgoed spelen!’
Het blijft een tijdelijk fenomeen.
Probeer niet uit het oog te verliezen dat deze fase, net zoals bijna alle fases, voorbij zal gaan. Indien er op uw kind nooit door iemand anders gepast is of indien het van nature verlegen is, dan kan deze fase erger zijn dan bij andere kinderen. De meeste kinderen gaan deze fase hoe dan ook ontgroeien.
Op hetzelfde moment, dient u uw instincten te volgen. Indien uw kind weigert om naar één bepaald plaats, persoon of opvang te gaan en elders bijvoorbeeld niet tot minder, dan kan het wijzen dat er een probleem is met die plaats, persoon of opvang. Een gezonde dosis wantrouwen is vaak net zo nuttig te zijn als een gezonde dosis vertrouwen.
Indien de verlatingsangst blijft voortduren tot de lagere school of verder, indien deze angst de dagelijkse routine van uw kind negatief beïnvloedt, dan is het best om dit te bespreken met uw dokter. Het kan wijzen op het verlatingsangst syndroom, een psychologisch probleem, en dit dient dan best opgenomen te worden met professionele hulpverleners, zoals een dokter of een psycholoog.
Kinderen met dit stoornis hebben schrik om verloren te raken van hun familie en zijn ervan overtuigd dat er iets ergs gaat gebeuren indien ze van hun familie gescheiden zijn. Het is niet slecht om met uw dokter te praten indien uw kind volgende symptomen laat optekenen:
*) Paniekreacties: overgeven, kortademigheid, misselijkheid.
*) Nachtmerries omtrent scheiding van hun familie.
*) Angst om alleen te slapen.
*) Overdreven angst om verloren te raken of om gekidnapt te worden.
Lees ook onze pagina's over 'Heimwee' en 'Alleen thuis'.
|